Uit ‘schrijven voor het Vuur’, het tweede boek van Gwendoline:
(bestelbaar via This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it )

Omdat leegte alles is,
en stilte wijs,
maken we ons best niet druk.

***

Verdrietig verlangend kijk ik reikhalzend
door het torenraampje naar
lonkend groen en bergen
al een oneindigheid lang
maar het deurtje dat mij bij de trappen brengt
had ik nog niet gezien.

***

Zoals de nacht de dag zijn bestaan geeft
En de stilte het woord draagt
Zo ordent de leegte ons denken
En ademen wij ons bestaan bijeen

***

In de kiem is tot in detail geweten hoe de bloem er zal uitzien. Het bewustzijn van de
kiem beschikt over die informatie, maar dat bewustzijn zegt niet: ‘Ik wil zo snel mogelijk
volgroeide en bloeiende bloem zijn’. Neen. De kracht zit in het groeien. De schoonheid zit
in hoe de stengel zich uit de aarde opwerkt en in het openen van de blaadjes en de kelk.
Schoonheid is niet alleen de bloeiende bloem, schoonheid is het gebeuren.

***

Mysterie,
Ik wil je niet ontbloten.
Want krijg ik iets van jou te zien,
Dan vergeet ik dat je ooit mysterie was.

Verwondering
Nooit wil ik jou kwijt.
Want eens ik iets begrijp,

Dan vergeet ik dat ik ooit verwonderd was.

Evidentie
Jou wil ik niet ontmoeten
Want eens je in mijn leven komt,
Dan sterft mijn passie.

***

Als een antwoord alle vragen stopt, wat heeft dat antwoord dan niet aangericht?

***

Niet de tijd drijft mij vooruit
Niet mijn verlangen of mijn zoeken
Niet een woord doet mij verstaan
Niet een verklaring en geen boeken
Niet mijn ogen doen mij zien
Niet mijn voeten doen mij gaan
Niet mijn stem laat mij spreken
Niet mijn verstand laat mij verstaan
Het is
mijn Bron
mijn Stilte
mijn Stem
mijn Liefde
jouw Bron
jouw Stilte
jouw Stem
jouw Liefde
Het Is

***

Een gewirrewar van gedachten
Golven spoelen aan trekken zich terug
En spoelen aan en trekken zich terug

‘Stilte’, een schreeuwend bevel
Vanop een bergtop, zich verspreidend over het Warrige landschap
Tot het bevel is uitgezinderd, uitgedoofd,
Weggeduwd door gedachten
Ze spoelen aan en trekken zich terug
En spoelen aan en trekken zich terug

‘Stilte’, nu zachter
Nog fris in mijn geheugen
Vanop een heuvel,
Zich verspreidend over de glooiingen
Tot gedachten zich stiekem vermengen
Ze spoelen aan en trekken zich terug
En spoelen aan en trekken zich terug

‘Stilte’, een fluisterend geruis
Over weidse vlakten
Dansend met gedachten
Vriendelijk en zacht
Zo zacht
Draagt zij mijn gedachten
Er rest alleen nog stilte

***

Geen wolk kan een zonnestraal stoppen
Geen wind dooft de zon uit
Zij kan alleen maar schijnen
En niets kan haar beletten
Zichzelf te zijn

Ik ben als de zon
Geen wolk kan m’n stralen stoppen
Geen wind dooft mij uit
Ik kan alleen maar schijnen
En niets kan mij beletten
Mijzelf te zijn

***

Hoe hard ik ook roep, stap, in de handen klap, hoeveel geluid wij met ons allen maken, het
geluid zal uitdijen in een zee van oneindige stilte. Hoe wild ik ook om me heen sla, hoeveel
wij met ons allen piekeren, panikeren en vragen, het geluid dijt uit in een zee van oneindige
stilte. Hoe groot ook onze intenties zijn, alles vloeit steeds over in weidse stilte, Een eeuwige
en onmetelijke stilte zal steeds het antwoord zijn. Een rustig golvende zee die zich van onze
geluiden en ons gezoek niets aantrekt. Een wijze zee van weten en rust.